maandag 11 oktober 2010

Zondag wandeldag!

Ik ging gisteren nog eens wandelen. Normaal vind ik wandelen niet leuk. Waarom wandelen als je ook kan lopen, fietsen, springen, vliegen, bergbeklimmen, schaatsen...autorijden? Wandelen, dat is iets voor binnen zestig jaar. Voor als we oud, grijs en versleten zijn en ik met mijn nylonkousen in hippe gympjes nog dapper een blokje rond 'slef'.
Maar gisteren was het zo'n schoon weer en waren we zo mottig van te laat in ons bed te liggen, dat wandelen een heerlijke optie leek. De zaterdag ervoor hadden we een trouwerij, om het met een mooi woord te zeggen. En een zondag na een trouwerij, dat is meestal hangen tussen zetel, kast met Dafalgan, frigo en tv. Maar gisteren niet! Ik had me die zaterdag van de trouwerlij opgeofferd om BOB te zijn, was de zondag na de trouwerij al om 11u al klaarwakker en sleurde het lief mee naar buiten, want ik moest en zou wandelen!

Zalig was het. Als twee toeristen wandelden we door Gent. Gewoon het water volgen, en stoppen als we iets schoons zagen. 'Hé liefje, kijk!'. 'Hé, check ta!'. Zotjes hoe je plots zoveel mooie dingen ziet als je eens niet met je fiets of auto voorbijzoeft.

Het nieuwe stadsmuseum van Gent bijvoorbeeld.
En nee, de mensen op de foto zijn geen vrienden of kennissen. Ik ken ze niet.


Of kijk! Een duiker op een appartementsgebouw!



Of hoe ik op een saaie zondagmiddag na vier uur rondwandelen ongelofelijk zen en euforisch thuiskwam eigenlijk.
Iemand zin om een wandelclub op te richten?

De volgende keer blog ik over iets spannends. Beloofd!

maandag 4 oktober 2010

Rommelmarkt.

Super Nintendo.
Super Content.

Manic Monday!

Het lag op de bodem van onze brievenbus, een beetje verfrommeld onder De Morgen.

We schrijven maandagmorgen, rond een uur of 7.

- (slaperig) Hu, Toon, weet jij iets van 50 euro?
- (slaperig) Nee, wrom?
- Omdat er een briefje van 50 euro in onze brievenbus zit.
- Hu? 50 euro?
- Uhu. 50 euro.

En hierbij verklaar ik het briefje van 50 euro tot hét mysterie van de week. 'Een aanbidder!', riep collega S. 'Of een dement oud vrouwtje!', aldus collega A. Wat het ook zij, vanmorgen zat er in onze brievenbus een opengescheurd envelopje. In de enveloppe een briefje van 50 euro. En bij het briefje van 50 een klein papiertje waarop in een mooi handschrift 'Gelukwensen!' geschreven staat. Geen naam, geen postzegel, geen afzender, niets.

Rest mij maar één vraag: Van wie komt dit? Wij hebben helemaal niets te vieren!

(Ok, ik geef het een week, maar als ik dit weekend nog niets of niemand gehoord heb, dan doe ik er iets leuks mee. Deal?)

woensdag 22 september 2010

Kafija in Latvija

Al ooit in Letland geweest? Nee? Ik ook niet. Toch niet tot voor twee dagen terug. Letland, Estland, Riga, Litouwen, Vilnius, Tallinn, tot vorige week was het voor mij allemaal één pot nat: Baltisch, dicht bij Rusland en veel te ver en veel te koud.

Eergisteren zat ik plots op een vliegtuig richting Riga. Op een veel te vroeg uur, maar dit geheel terzijde. Ja, in onze job kan het wel eens gebeuren dat je niet op je dagelijkse boemel richting Berchem, maar wel op een vliegtuig van Air Baltic zit. Richting Riga dus.

Wat ik daar deed, daarover later meer. Maar Letland is cool. Zelfs als je er maar 26 uur bent. En waarom?
Wel daarom:

- De Cola smaakt er anders.
- De taal is supergrappig. Iemand kafija? Of liever tēja? Koppijn? Loop toch gewoon even naar de aptieka! Die gekke Letten toch.
- Je betaalt niet met euro, maar met briefjes die lijken op die van Monopoly.
- De vrouwen drinken er whiskey. Ergens logisch, want een gigantisch glas kost maar 3 lats. 3 euro! Priēka!
- Ze zijn verslaafd aan look. Lookbroodjes, lookboter, saus met look. Gouden raad: chicletten.
- Soep, overal is er soep. Dikke soep, dunne soep, of geconcentreerde tomatenpureesoep.
- Nog nooit heb ik in 24 uur zo vaak ‘Taxi!’ geroepen. Cheap as hell, die taxi's daar.
- Het is er koud, maar ze verkopen er overal op straat van die dikke wollen sokken. Zelfs met hartjes op.

Wie ook eens wil gaan, moet zich haasten, want in de winter kan het er –20°C zijn. Dat beweren die kousenverkoopsters toch. Maar volgende week trek ik naar een plaats waar het nu nog 30° is naar het schijnt.
See you there!

maandag 13 september 2010

Mijn camionette en ik

Ik had nooit durven denken dat we ooit zo'n emotionele band zouden hebben. Toch zeker niet als ik terugdenk aan die eerste grote rit samen. Het was koud, winter, en ik moest naar Brussel. Er was daar een leuk feestje aan de gang en ik wilde er persé naartoe. Met mijn nieuwe auto, wat had je gedacht! Helaas pindakaas, ik ben er nooit geraakt. Ergens ter hoogte van Schaarbeek ben ik gestrand. Voor een rood licht op een druk kruispunt. De motor oververhit, ik onderkoeld, veel geroep, gevloek en zelfs enkele tranen.

Maar kom, mijn bolide en ik, we hebben een band. En ondanks die slechte start kunnen we het wel met elkaar vinden, vind ik. Hij heeft zo zijn kuren, maar ik respecteer die. Soms heeft hij er geen zin in, en wil hij met de beste wil van de wereld niet sneller dan 120. Soms durft hij zelfs eens protesteren en begint hij te midden van de tweede rijstrook te schokken als een kat met kotsneigingen. Maar ik laat het allemaal gebeuren. Gas lossen, diep ademhalen en hem even zijn gang laten gaan.

En zo doen we het al een jaar. Mijn camionette en ik, wij geven en nemen. Hij rijdt me rond, ik gun hem zijn grillen.

De laatste weken is er echter iets veranderd. Hij verliest water, schokt nog meer dan anders en heeft er niet veel zin meer in. Die dikke grijze rookwalm bij het starten zegt genoeg. En hij piept. Een zielig gepiep. Een ik-wil-wel-maar-ik-kan-niet-meer-gepiep.

235 000 km heeft hij ondertussen op zijn teller. En er kunnen er nog bij, zegt de garagist hoopvol. Maar ik weet wel beter. Terminaal noem ik hem. Mijn gevarendriehoek zit in de koffer. Het nummer van VTB-VAB in het handschoenenkastje. Ik ben voorbereid. Maar tot het zover is, blijf ik ermee rijden. Tot de laatste kilometer. Niet omdat ik mijn leven beu ben, maar wel omdat hij het verdient! En omdat hij mijn coolste eerste auto ooit was. Is.

donderdag 2 september 2010

Een zware dag op het werk?

Ik had het vanmorgen moeten weten toen ik te laat uit bed stapte, nog snel naar de bakker liep en in plaats van een geurige croissant het bordje 'uitzonderlijk gesloten' onder mijn neus geduwd kreeg.

Ik had het ook al kunnen weten toen ik snel-snel naar een interview wou vertrekken en mijn 'ik heb je zo hard nodig'-gps niet vond op de plaats waar hij normaal ligt.

Ik had het eigenlijk ook al moeten weten toen ik in de autogarage op het werk twee keer moest rondrijden voor ik me uiteindelijk op de -2 in een veel te nauw gat kon manoeuvreren.

En ik had het zeker moeten weten toen mijn badge plots niet wilde werken en ik dus de redactie niet binnen kon. Resultaat. Kloppen op de deur en hopen dat iemand je hoort en je binnenlaat.

Moet ik nog vertellen dat het mijn dagje niet was vandaag? Lezeressen die hun telefoon niet opnemen, deadlinestress, verkeerde afspraken, nog meer deadlinestress, gecancelde interviews en te druk bezette fotografen, way over the top deadlinestress.

En zo komt het dus dat ik na een dag vol gezweet, gezucht en gegodver om 20u05 eindelijk met mijn Kangoo uit de Kennedytunnel kon scheuren. Stress? Nee hoor. Tuurlijk! Wie goed keek kon de stoom nog uit mijn oren zien komen.

En zo komt het dat ik om 20u20 op de E17 ergens tussen Sint-Niklaas en Lokeren waarlijks gepakt werd door een machtige zonsondergang. En blij als een kind was toen ik ook nog eens mijn kodak in het handschoenkastje vond. En Stairway to heaven van Led Zeppelin in mijn cd-speler schoof en opnieuw tot het besef kwam van hoe schoon het leven toch weer is.

Dank u kosmos.

elisesurprise, weer helemaal zen en stressless as can be.

dinsdag 3 augustus 2010

Jommeke

'Iedereen wil met strips zijn jeugd terugkopen', lees ik net in een interview met Urbanus in Humo. En gelijk heeft hij. Een strip lezen, dat is terugkeren naar bijna twintig jaar geleden, toen je net kon lezen en in een hoekje van de veel te grote zetel Jommekes zat te verslinden tot je mama 'Eeeeten!' riep. En als De viool van Varazdina of De kokoskoe helemaal uit waren, dan begon je gewoon opnieuw. Luidop deze keer. Met verschillende stemmetjes en geflipte intonaties.

Zo serieus...? Ja. En dat komt omdat ik vorige week op een zonovergoten terras in Normandië zat. Vermoedelijk met de nieuwe Kiekeboe in mijn handen en een gin-tonic (mijn nieuwe verslaving) voor mijn neus. Nu zit ik in mijn pyjama een bord Miracoli binnen te spelen (wegens te laat thuis van het werk en Delhaize al dicht), betalingen te doen, to-do-lijstjes te maken. En o ja, te bloggen.

Heimwee en nostalgie. Het overvalt een mens toch soms.

- Als ik pas geslepen potloden ruik, ben ik zeven en zit ik in het eerste leerjaar. Vermoedelijk op de eerste rij en met rooie kaken van de inspanning. Juffrouw Andrea was een strenge!

- Als ik reclame voor Bellewaerde zie, dan ben ik negen, draag ik een blauw-groene KW, een paarse jogging, en voel ik een vreemde kriebel in mijn buik omdat ik net op de boomstam-splash gedurfd heb. Diezelfde kriebel voelde ik ook 's avonds in de bus naar huis. Maar dat was van te veel cola, lauwe sandwichen met kaas en suikerspin.

- Als ik lange vingers (de koekjes) zie, dan zit ik terug bij oma. Home & Away op de achtergrond en een tas melk in mijn handen. En de bordeaux zetel die toch wat stekte aan de billetjes.

- Als ik stokbrood met Nutella eet, dan ben ik een jaar of dertien. En zit ik in een huisje in Bretagne aan de ontbijttafel met mijn zus en mama en papa. Frans stokbrood met boter en Nutella, een betere start van de dag kon ik toen niet dromen. Als ik de koffiemachine nog maar hoorde pruttelen vanuit mijn stapelbed, schoot ik wakker en begon ik me te verkneukelen. Yes, weer ontbijt!

- Als ik Spice Girls of BSB hoor, ben ik veertien, en heb ik de nieuwe Joepie in mijn handen. De spanning die ik elke woensdag voelde omdat er misschien wel een poster van Brad Pitt, Peter Andrew, of Kevin van de BSB in het midden van mijn Joepie zou zitten... man toch.

- Als ik witte Martini zie, ben ik zeventien en kotsmisselijk. Die laatste in de Warehouse was er te veel aan.

Urbanus van Anus heeft gelijk. En nu ga ik een beetje in de zetel zitten. Een Jommeke lezen. En verlangen naar een lange vinger. Of een beetje tv kijken, dat kan ook. En een gin-tonic inschenken. Hell yeah! Nog beter.