woensdag 18 januari 2012

Somewhere

"Prima examen, meneer Beel."

Oef.

Het leven gaat door, met examens, deadlines, treinvertragingen, moeilijke research, en nieuwe plannen op de agenda. Ook met vervelende mensen die uit hun dak gaan omdat er twee woorden anders in hun interview moeten staan.

Even lijkt het zelfs of er niets is veranderd.
Of toch, ik heb een nieuw lievelingsliedje, eentje van The Strokes. En elke dag brand ik een kaarsje, eentje met vanille.

Bittersweet.


woensdag 11 januari 2012

Woensdag

Het ging goed deze week. Vrij goed zelfs. Beter dan ik had verwacht. Iedereen ging terug aan het werk, en er waren wat downs, maar ook wel ups. Gisteren hadden Liesbet en ik nog de slappe lach, toen we foto's van ons weekendje aan zee bekeken. Vorige week leek het nog of we nooit meer zouden kunnen lachen... Ook een tekstje schrijven en adressen verzamelen voor jouw herdenking ging vlotter dan verwacht. Even leek het nog of het toch niet zo moeilijk was als we vorige week hadden gedacht.

Tot vanmiddag. Ik ben vandaag tussen twee interviews door bij je mama geweest, en toen ik thuiskwam, zat je kaartje in de bus. En dan was het er weer, de harde realitycheck. Geen verjaardagskaartje, geen kaartje met zonnige groetjes, geen zomaarkaartje, geen uitnodiging voor een feestje, maar een rouwkaartje. Ik weet niet goed wat ik ermee moet doen. Zet ik het tussen de andere babyborrel- en trouwuitnodigingen op de schouw? Stop ik het weg in een doos? Ik denk dat het mijn eerste echte rouwkaartje is. En het is er dan nog een van jou.

*

maandag 9 januari 2012

Maandag

Caramia van Novastar. Repeat repeat repeat, en terugdenken aan toen.
Choco-Duo’s van den Aldi. En heel de dag niets anders willen eten.
De sneeuwfoto’s van ons laatste weekendje. En veel te laat doorhebben dat dit veel te lang geleden is.
Blue Valentine willen bekijken, voor jou.
Stiekem naar de McDonalds willen fietsen voor een Big Mac Menu.
Facebook-updates van DOK krijgen en een rilling voelen.
Je zo graag nog één bericht willen sturen.
Me doodergeren aan die zagemensen buiten, en mensen die niet willen geïnterviewd worden bijna toeschreeuwen dat dat toch allemaal niet zo erg is, geïnterviewd worden.
Alles wat niets met jou te maken heeft deze week van de agenda schrappen. Behalve werken.
Om 16u naar je plaats willen komen en niet durven.
'Tine Brutsaert' googelen.
Toon willen bellen en bij Tine uitkomen.
Horen dat het bij iedereen een beetje hetzelfde is vandaag.

zondag 8 januari 2012

Eén antwoord en zoveel vragen

Als ik mijn ogen dichtdoe, dan zie ik je voor me. Hoe je als een gewond dier je plekje zoekt, niet te ver van huis. Een plekje waar je alleen bent, alleen met die vreselijk sombere gedachten in je hoofd. Dicht tegen het water, achter de struiken, beschut voor regen en wind. Je hebt het koud, in je hoofd en in je gedachten. Je legt je jas als een deken over je heen. Zoekt troost. Eindelijk rust in je hoofd.

Je had ons gisteren moeten zien, Tine. Iedereen was er, op je plekje. Zoveel vrienden, zoveel bloemen, zoveel verdriet, zoveel vragen. We proberen ons voor te stellen hoe jij je daar maandag hebt gevoeld. Zo afschuwelijk alleen. Aan wie heb je nog gedacht? Was je bang? Verdrietig? Of eerder opgelucht? Ik hoop het laatste, hoe moeilijk dat ook is.

Die bloemen, die zijn voor jou. Omdat je graag bloemen ziet. Omdat we ze je zo graag willen geven. Omdat we je nu al zo hard missen. Omdat we je zo graag zien. Hopelijk heb je dat geweten.

Morgen gaan we weer werken, en de cocon, waar we ons al een week in verstoppen, verlaten. Terug naar het gewone leven dat helemaal is veranderd. Dampoort is anders. De Aba Jour is anders. De dokken zijn anders. De Blaarmeersen is anders. Gent is anders. Wij zijn anders. Elke dag gaan we over je praten. Bij een glas rode wijn en M&M's zonder nootjes. Over die weekendjes, jouw schaterlach die door ons hoofd spookt, je glazige blik als het wat minder goed ging, je lieve karakter, SATC, de discussies die je zo graag aanging. Gent, Roeselare, De Haan, Oostende, Brussel, overal waar we komen, was jij ook.

Je wilde gewoon dood zijn Tine. Je kon niet meer verder leven, en dat zullen we aanvaarden.
Je was dertien jaar een deel van mijn leven. En het leek zo vanzelfsprekend dat jij er ook de rest van mijn leven zou bij zijn.

donderdag 5 januari 2012

Of hoe de wereld plots stilstaat

Of hoe deadlines, facturen en dagelijkse beslommeringen plots niets meer betekenen.
Of hoe ik deze week voor het eerst probeer te koken - béchamelsaus, en al drie keer opnieuw moest beginnen.
Of hoe dit nieuwe jaar al van dag 3 volledig op zijn gat lag.

Tine,
27 december, een dikke week geleden heb ik je voor het laatst gezien. Het was aan een toog in Brussel, op een feestje. We hebben elkaar veel verteld, wat allemaal precies, daarover breek ik mijn hoofd nog. Wat ik wel weet is dat ik om 12u ben doorgegaan -ik wilde werken de volgende ochtend. Jij bent gebleven. Ik heb je een knuffel gegeven en gezegd dat ik het altijd leuk vond om met je te praten. We spraken af om 2012 in te zetten met een ontbijtje. Ideaal, jij had net je ontslag gegeven en had tijd voor leuke dingen, ik zat thuis met een blokkend lief. Je had een super adres, een plekje waar je zo graag naar toe ging en dat je me wilde tonen: Le Jardin Bohémien, in Gent. Ik was er nog niet geweest, maar keek er al naar uit.

En dan was je plots vermist.

Je zou iedereen moeten zien, Tine. Zo bezorgd. Er is geen straat in Gent waar je affiche niet hangt - ja, zelfs in het Glazen Straatje heeft Toon dinsdagavond een poster van je opgehangen. We missen je. We zoeken je. We liggen 's nachts wakker van de dreigende wind. We kunnen niet begrijpen dat je zomaar bent verdwenen. Vanmiddag hebben we twee uur lang de Watersportbaan uitgekamd, zonder resultaat. Dat had ik eigenlijk wel verwacht... jij hield niet van de Watersportbaan, ging er nooit graag naartoe.
Geef ons toch een teken, Tine. Iets. Zodat we weten waar we morgen moeten zoeken. We willen je zo graag vinden. Maar eigenlijk ook niet. Het is zo dubbel.


Tine,
Kom toch gewoon terug. Al is het maar omdat we nog samen moeten gaan ontbijten.

donderdag 20 oktober 2011

toont haar bureau


In de categorie 'Toon me je werkplek en ik zeg je wie je bent'. En ook omdat ik deze plek de laatste dagen meer gezien heb dan mijn keuken, lief en zetel samen.

* Een Mac: onmisbaar, want ik ben een journalist. Met op het scherm: een leeg blad, dat vaak eerst een halfuur leeg blijft, voor het in recordtempo volgeschreven wordt. Snelle schrijver, ik.
* In dat halfuur dat het leeg blijft, doe ik veel. Meestal hard nadenken, maar ook twintig keer mijn Facebook openen, door het raam de katten van de buren in de gaten houden, nadenken over wat ik vanavond ga eten, of... eens door mijn Viewmaster turen. It is my secret to success. Maxi-entertainment in veertien klikken. 'Een avond in Parijs', is de schijf die er nu inzit. De Eiffeltoren by night zien vanop je bureau, een aanrader. Maar ik ben eigenlijk aan het sparen voor alle Disneys.
* Foto's en kaartjes en magneten. Een van die magneten is trouwens Wout Beel, fotograaf en broer van het lief. Moet 'm eens googelen. Een fotograaf die zo goed bezig is dat hij al magneten heeft van zichzelf. (Graag gedaan, wout!)
* Een doos, met daarin een externe harde schijf. Na een half jaar veel te veel stof vergaard en nog altijd niet opengedaan. Heb ik ooit eens met veel enthousiasme gekocht om een back-up te maken van mijn werk. Moet ik misschien toch eens doen in plaats van Facebook of Viewmaster.
* Een voice-recorder: onmisbaar, want ik ben een journalist. Alhoewel ik dat eigenlijk nooit gebruik. Enkel wanneer ik Limburgers interview, mensen die zo snel praten dat het lijkt alsof ze elk moment een trein moeten halen, of dokters of psychologen die te veel moeilijke woorden gebruiken. Ik ben nogal een ouderwetse en zweer bij schrift en bic.
* Wat Flair. Een cover die we gebruiken bij brainstorms, en een stokoude sleutelhanger. Een die de start van VTM nog heeft meegemaakt, want ik had er ook zo één van Amedee.

En nu ga ik er mij weer aanzetten. Mijn halfuur is bijna voorbij, en dat blad moet nog vol.

woensdag 12 oktober 2011

De boze ballerina



Van het ene moment op het andere was het gedaan. Armen gekruist, pruillip, hoofd naar beneden, lichte trillingen van ingehouden woede. Het was duidelijk: ze had geen zin meer. En ze bleef staan. Ook toen de mama koortsachtig en een beetje rood aangelopen 'Komaan meisje, nog even,' van opzij riep. Zelfs 'Straks krijg je frietjes en een cadeautje' hadden geen effect. ZE-HAD-GEEN-ZIN-MEER. Dit was dan ook de laatste foto die we van haar hebben kunnen nemen. Twee minuten later ging ze ervandoor. Naar huis, naar haar poppen en haar speelgoedkeukentje. Genoeg geposeerd, zo saai.

Ze was meteen mijn favoriet. Hoewel ze onze fotoshoot bijna naar de knoppen hielp, zal ik haar niet snel vergeten. Ze deed me denken aan mezelf. Aan hoe ik vroeger een week niet tegen mama sprak omdat ze haar korte steile haar had geruild voor een wilde krullenbos. Deze vrouw leek niet meer op mama en ik vond het niet mooi, punt. Of hoe ik de hele straat bijeenriep omdat ik op de doop van mijn zus die stomme witte schoenen niet wilde aandoen. Ik was vier, maar het is een verhaal dat nog vaak opgerakeld wordt. Meisjes met pit, er moesten er meer zijn. Vroeger wilde ik nooit een dochter die ballet deed. Ballet? Voor watjes. Maar dat is nu ook weer veranderd. Stoere ballerina's, ze bestaan.

- De foto is van Karel Daems, en de ballerina's, die zie je deze week in Flair.

En o ja, ik werd vandaag wakker met de gedachte: ik ga weer wat vaker bloggen. Een mooi voornemen, en het is zelfs nog geen Nieuwjaar!